|
Ik heb zo vele zonden bedreven en mijn hart stelt nog dikwijls teleur. Ik heb mij dus wel heel diep te schamen, maar ik klop op Gods open deur. ‘k Ben de minste van hen die geloven en de zwakste van hen in ’t gebed, maar Hij heeft in zijn grote genade mij toch niet weer buiten gezet. Hij alleen kon mijn zonde bedekken, Jezus boette voor iedere fout en de voet die nog zwikt en nog struikelt zal straks staan op de straat van goud. Ik heb zo vele zonden bedreven en mijn hart stelt nog dikwijls teleur. Ik heb mij dus wel heel diep te schamen, maar toch ga ik straks door Gods deur.
|