|
Niet ik, maar Jezus Christus zij geprezen, niet ik, maar Jezus zij gezien, gehoord. Niet ik, maar Jezus, wat er ook mag wezen, niet ik, maar Jezus in gedacht’ en woord. Niet ik, maar Jezus troost in leed en zorgen, niet ik, maar Jezus wist de tranen af. Niet ik, maar Jezus sterkt ons elke morgen, Niet ik, maar Jezus bij een open graf. Die Heer alleen, geen lege, loze woorden, die Heer alleen, geen zinneloze praat. Die Heer alleen, want wie naar Jezus hoorde, -neen, niet naar mij-, vond redding, hulp en raad. Niet ik, maar Jezus, hulp in alle noden, niet ik, maar Jezus, want in Hem is kracht. Niet ik, maar Jezus breekt voor ons de broden, niet ik, maar Jezus, die ons boven wacht.
|