|
God met ons, wat een gedachte, God met ons van eeuwigheid, met ons die zijn eer verachtten, groot in ongerechtigheid. God met ons in groot erbarmen, God met ons, ook aan het hout, waar de uitgestrekte armen tonen dat Hij van ons houdt.
Refr. Wat kan God nog meer ons geven? Hij nam ons als kind’ ren aan, schuldvergeving, eeuwig leven en bij Hem te zijn voortaan. God met ons op weg naar boven, God met ons in onze druk, God met ons; dat te geloven geeft ons meer dan aards geluk. God met ons als wij weer falen en met schaamte voor Hem staan. Jezus wilde ’t al betalen, onze schuld is weggedaan. Refr. God met ons, Hij hoort ons bidden in de hemel, waar Hij woont, God met ons als in ons midden Jezus ons zijn handen toont. God met ons, wanneer wij knielen in aanbidding voor de Heer, God met ons, als onze zielen Jezus zien en niemand meer. Refr. God met ons aan ’t eind der dagen, als wij naar des Heilands wil bij Hem zijn en Hem niets vragen, want zijn liefde maakt ons stil. God met ons, eertijds verloren, maar gevonden door de Zoon, die we eeuwig toebehoren, met en bij Hem om zijn troon. Refr.
|